Test: Porsche Macan Electric, beter met z’n tweeën? (2026)

In het kort
Porsche voegt een instapversie toe aan zijn Macan Electric. Hij kwam op de markt met vierwielaandrijving, maar ruilt die nu in voor achterwielaandrijving. Daardoor daalt zijn reële verbruik… aanzienlijk!
Voordelen
- Verbruik omlaag
- Elektrische prestaties nog altijd aanwezig
- Onderstel nog steeds dynamisch
Nadelen
- Rommelige ergonomie
- Goedkoper, maar nog altijd duur
- Optiepolitiek
De populairste Porsche aller tijden is niet de 911, zoals je zou kunnen denken. De iconische sportwagen wordt ruimschoots voorbijgestoken door de Cayenne… en vooral door de Macan! De kleinste SUV uit Zuffenhausen gaat elektrisch en krijgt zelfs een variant met achterwielaandrijving.
Exterieur
Net als bij de versie met vierwielaandrijving, die logisch genoeg Macan 4 heet , is het uiterlijk van de instap-Macan geen revolutie. De globale vormen van de SUV veranderen weinig, met slechts 5,8 cm extra lengte.
Het verschil tussen de meest betaalbare Macan en de andere zit in de bumpers en de wielkasten. In tegenstelling tot de sportieve looks van de Turbo houdt de instapversie het eenvoudig. Je krijgt nog steeds de hoge lichtsignatuur en de koplampen die in de bumper zitten, maar alles oogt strakker en soberder. Zoals altijd — maar daarom niet minder vreemd op de goedkoopste Macan: de achterruitwisser is optioneel!
Interieur
Het interieur van onze test-Macan was uitgerust met quasi alle opties. Daardoor is het moeilijk om een goede indruk te geven van de standaarduitrusting, maar een blik op de optielijst leert dat de instapper stoelen in kunstleder krijgt, het grote gebogen scherm voor de instrumenten en het centrale 11-inch scherm.
De afwerking blijft uiteraard op Porsche-niveau. Met andere woorden: zelfs de kunststoffen op de middenconsole zijn van hoge kwaliteit en op de montage valt niets aan te merken. In dat kwaliteitsgevoel werkt het infotainment dan weer als een haar in de soep. De ergonomie is rommelig en de vrolijk gekleurde graphics geven het geheel iets weg van een Fisher-Price-tablet voor kinderen…
Motor
Het belangrijkste verschil tussen de Macan en de Macan 4 zit dus niet in de standaarduitrusting, de afwerking of zelfs het design. Daarvoor moet je onder de huid van de SUV kijken. De Macan kiest voor één elektromotor op de achteras. Die levert 340 pk en 563 Nm, of zelfs 360 pk in overboost-modus. Genoeg om de elektrische instap-SUV in 5,7 seconden van 0 naar 100 km/u te brengen, vijf tienden trager dan de Macan 4.
Voor de rest verandert er niets aan de elektrische technologie. De batterij in de vloer biedt nog altijd een indrukwekkende capaciteit van 100 kWh, terwijl snelladen nog steeds kan tot 270 kW. Met één motor verbruikt de Macan uiteraard minder, waardoor zijn officiële actieradius stijgt van 610 naar 640 km.
Op de weg
Omdat Porsches optiepolitiek geen grenzen lijkt te kennen, betekent rijden met de instap-Macan niet noodzakelijk een minder aangename rijervaring. Ons testmodel had de actieve luchtvering, die een niveau van comfort en dynamiek biedt dat moeilijk te kloppen is in dit segment. De afwezigheid van achterwielsturing (in tegenstelling tot de eerder geteste Macan 4) doet trouwens niets af aan het sportieve gevoel dat dit onderstel geeft. Het mag gezegd: weinig EV’s verbergen hun gewicht zo goed…
Ongewoon voor een Porsche is het meest opvallende aan deze achterwielaangedreven versie het verbruik. Tijdens onze paar dagen achter het stuur noteerde “onze” Macan een gemiddelde van 19,8 kWh/100 km. Niet uitzonderlijk, toegegeven, maar wel minder dan de Macan 4 die we in dezelfde periode testten (22,3 kWh/100 km)… terwijl deze auto wél op enorme 22-inch velgen stond! Rekening houdend met dat verbruik komt ons testmodel uit op een reële actieradius van meer dan 450 km.
Prijs
Dezelfde uitrusting, dezelfde stijl, dezelfde afwerking, maar met meer actieradius. De vraag die op onze lippen brandt: hoeveel scheelt dat in prijs? De Macan start vanaf € 84.500, wat € 3.600 minder is dan de Macan 4. Goed nieuws voor wie per se het Porsche-logo op de motorkap wil. Maar zijn platformneef met dezelfde technologie en een Audi-badge is € 20.000 goedkoper…
Besluit
Een motor minder op de vooras verandert de Macan niet in een slak, noch in een lichtgewicht sportwagen die smacht naar asfalt. De elektrische SUV uit Zuffenhausen blijft de meest dynamische van zijn segment, maar zijn reële verbruik ligt lager en zijn actieradius is royaler.
Technische fiche: Porsche Macan (2026)
- Motor: elektrisch
- Vermogen: 340 pk (360 pk overboost)
- Koppel: 563 Nm
- Aandrijving: achterwielaandrijving
- 0-100 km/u: 5,7 s
- Topsnelheid: 220 km/u
- Koffer: 540 – 1.348 liter / 84 liter
- Batterij: 100 kWh (95 kWh netto)
- Verbruik: 19,8 kWh/100 km (gemeten) / 16,7 kWh/100 km (WLTP)
- Actieradius: 640 km (WLTP)
- Prijs: € 84.500
Alle artikels
Alles bekijken
Porsche Macan T: met de ‘T’ van... dynamisch?
Porsche heeft de Macan opgefrist en een nieuwe T-versie aan het gamma toegevoegd. Die combineert de kleinste motor met het sportiefste chassis. Het ideale recept?

Porsche 718 Cayman GT4 RS: de juiste genen
Porsche had al een 718 Cayman GT4, maar die krijgt nu een extra duwtje in de rug als GT4 RS. Betekent nog meer naam ook nog meer plezier? Wij zochten het uit.

Porsche 718 Cayman GT4: racepaard
De sportiefste versie van de kleine Porsches, de Cayman GT4, is net onttroond door een RS-versie. Nu koppelt hij zijn 4 liter grote atmosferische zescilinder boxermotor aan een PDK-versnellingsbak met dubbele koppeling. Is het racepaard getemd?