Test: Jaguar XF Sportbrake 2.2d – Nog statiger

De XF treedt aan in een segment waar – premium speler of niet – de break een hoofdrol vertolkt. Kijk eens rond u op de weg: van de Audi A6 over de Hyundai i40, Opel Insignia of de Ford Mondeo, u zal hen voornamelijk in breakvorm ontmoeten.
Meer volume?
Betekent dit dat breaks de facto over een enorme koffer moeten beschikken? Niet zo zeker. Er zijn tegenwoordig wel meer breaks die er volumineus uit zien, maar in de praktijk nauwelijks meer koffer te bieden hebben dan een sedan. De XF Sportbrake is er ook zo eentje. Hij is maar 5 mm langer dan de sedan (4.996 mm). De eigenlijke koffer – gemeten met de achterbank rechtop en onder de afdekhoes – meet 550 liter, slechts 10 liter meer dan de sedan. De grote winst is vooral voor de passagiers op de achterbank, die bijna 5 cm extra hoofdruimte toebemeten krijgen. Nu goed, elke familievader kan wel getuigen dat een break behalve voor het werk, snel de limieten van zijn nuttigheid toont wanneer er bagage, fietsen, kinderbedjes en tutti quanti dienen ingeladen. Met de achterbank plat heeft de XF 1.675 liter ter beschikking.
Goed, waarom dan toch voor een break kiezen? Omwille van het prestige natuurlijk. Zolang we het niet over de S-klasse of over een Rolls hebben, komt de break om een nog onverklaarbare reden prestigieuzer over. Voor een constructeur blijft er dus geen optie over: je moet een break kunnen aanbieden, of je speelt niet mee. Het heeft Jaguar tijd gekost om deze stap te zetten met de XF, maar het resultaat mag er wezen. De XF Sportbrake is groot zonder log te wezen. Ondanks het extra volume weet hij toch zijn finesse te bewaren. Knap werk.
Luchtophanging
Ook de kwaliteiten van de Jag blijven overeind. Het chassis is aangepakt om dynamisch op niveau te blijven spelen. Achteraan monteert Jaguar een pneumatische ophanging, die zich automatisch aanpast aan de laadlast. Leeg merk je geen enkel verschil. Als een echte Jaguar legt de XF Sportbrake gewillig zijn sportieve ziel bloot. Hij pikt gretig bochten, en heeft in beide versies – 163 pk/400 Nm en 200 pk/450 Nm – meer dan genoeg pit in huis. Dankzij de acht trappen van de automaat, heeft hij steeds het juiste verzet klaar zitten. Alleen, er is een maar.
Tijdens onze eerste test met de XF 2.2 diesel klaagden we al over de vervelende trillingen die hij doorlaat. Blijkbaar was er met die testwagen een probleem, want in de XF Sportbrake met deze motor hadden we er geen last van. Wel blijft het gevoel overeind dat motor en automaat elkaar nog onvoldoende begrijpen om een harmonieus huwelijk te bieden. Iets wat je van dit niveau wel mag verwachten. Ook is het wennen aan het geluid van een viercilinder in een Jaguar. Normaal laat een Jag zich pas horen wanneer hij aangepord wordt, en dat is toch niet het geval met deze 2.2. Iets meer stilte zou het comfort alleen versterken.
Tijdens de test ging er gemiddeld 6,8 l/100 km door, wat een gemiddeld cijfer is in dit segment en voor een 2.2. De Sportbrake met deze motor begint bij 45.900 euro.
Alle artikels
Alles bekijken
Jaguar XF: over het hoofd gezien?
Zowat alle Jaguar- en Land Rover-modellen schakelen over op plug-inhybrides, maar de nieuwe XF lijkt met zijn gereduceerd motorgamma de dans te ontspringen. Zijn de nieuwe looks en gloednieuwe interieur voldoende om hem nog op te laten vallen?

Jaguar XE 2020: Nieuw leven in de brouwerij
De Jaguar XE dateert uit 2015. Toen werd hij uitgerold als de grote Britse rivaal van de BMW 3-reeks. Alleen: we zien veel 3-reeksen bij ons, en veel minder XE’s. Een update moet die situatie veranderen.

Test: Jaguar XF Sportbrake 2.0 25t – Bon, dan maar op benzine
De dieselverkoop zit duidelijk op de glijbaan. Maar zal de keuze voor benzine steeds een keuze van hart én brein zijn? Dat zochten we over 2.000 kilometer voor u uit in de Jaguar XF Sportbrake 2.0 turbobenzine met 250 pk.