Lotus Super Seven te koop: tweedehands en nieuw

}
Lotus Super Seven

Nagebouwde Lotus Super Seven modellen houden de roadstertraditie levendig

Vanwege de soms zeer uiteenlopende belastingheffing op motorvoertuigen kwam het in het verleden helemaal niet zelden voor dat autofabrikanten voor bepaalde markten modellen met een gereduceerde cilinderinhoud aanboden, die slechts in één land als instapmodellen verkrijgbaar waren. Zelfs Ferrari hielp zijn Italiaanse klanten met deze tactiek belasting te besparen, omdat de fiscus in dit land veel belasting berekende over sportauto’s met een grote cilinderinhoud. Als specialist op het gebied van puristische roadsters met weinig comforteisen, maar die wel op de weg werden toegelaten, gebruikte de Britse autofabrikant Lotus Cars tot in de jaren ’70 ook nog een ander idee om de prijs door het vermijden van belasting laag te houden: hij bood zijn roadsters simpelweg als kitcars aan om zelf samen te bouwen. Tot de legendarische producten van de sportautofabrikant hoorde de in 1958 gepresenteerde Lotus Seven, die vanaf de tweede generatie vanaf 1961 met een krachtigere motor als Lotus Super Seven aangeboden werd. Nadat Lotus de licentie op de Lotus Super Seven verkocht had, ontstonden er op basis van de originele Lotus Super Seven nagebouwde modellen van fabrikant Caterham, die de Lotus Super Seven als replica van de historische modellen op de markt bracht.  

De Lotus Seven 7C is de voorloper van de Lotus Super Seven

Toen in 1957 de eerste Lotus Seven uitgeleverd werd, rustte de fabrikant de roadster uit met een lichte aluminium carrosserie en een van Ford gekochte motor die in de basisversie een prestatievermogen van slechts 21 kW (28 pk) had. Zelfs de krachtigste Lotus Seven modellen uit deze eerste generatie moesten zich tevreden stellen met slechts 32 kW (43 pk). Alleen de Lotus Seven 7C, die van 1958 tot 1960 onder deze benaming de klanten bereikte, zorgde met een krachtigere motor voor meer rijplezier. Hij werd uitgerust met een 55 kW (75 pk) motor en gold daarmee als de voorloper van de Lotus Super Seven.

De historische modellen van de Lotus Super Seven

Het eerste model van de originele Lotus Super Seven ontstond in 1961 in de tweede reeks van de bouwserie. In plaats van een aluminium carrosserie kreeg de roadster een nog lichtere carrosserie uit glasvezel. De nauwelijks 600 kilo wegende roadster werd aanvankelijk uitgerust met een 1,3 liter motor met 63 kW (85 pk). Vanaf 1962 tot aan het einde van de productie bij Lotus in 1973 werd de Super Seven uitgerust met een vergrote motor met een cilinderinhoud van 1,5 liter en een prestatievermogen van 74 kW (100 pk).

De nagebouwde Lotus Super Seven modellen

Nadat Lotus de productierechten van de Lotus Super Seven in 1973 aan het Britse bedrijf Caterham had verkocht, ontstonden er bij Caterham nagebouwde exemplaren van het origineel. Als voorbeeld diende meestal de Lotus Super Seven van de derde generatie uit de jaren ’70. De naam Lotus verdween uit de modelbenaming, maar het cijferlogo van een grote zeven bleef wel het radiatorrooster sieren van de later Caterham Roadsport genoemde nagebouwde Lotus Super Seven modellen. Aan het carrosseriedesign veranderde Caterham in de loop der jaren slechts wat details, om de open tweezitter zo aan te passen aan de nieuwste veiligheidsvoorschriften. Ook bij de replica’s was het echter het belangrijkste dat de puristische roadstertraditie behouden bleef. De nieuwere modellen werden uitgerust met motoren die aan de Euro4-norm voldeden. Deze hadden een prestatievermogen van 85 kW (115 pk) en zorgden ervoor dat de Lotus Super Seven in 6,2 seconden van nul naar honderd accelereerde. Het belangrijkste verschil tussen de Caterham-versie en de originele versie is dat de nieuwe Lotus Super Seven niet meer alleen als kitcar verkrijgbaar was, maar ook als compleet in de fabriek gemonteerde auto.

Beoordelingen voor Lotus Super Seven

1 Beoordelingen

4,0