Eerste contact: Audi TT – Hetzelfde, maar dan beter

Toegegeven, de titel komt uit het blik vol clichés. Maar hij is in de nieuwe Audi TT meer van toepassing dan op eender welke auto. De nieuwe TT neemt de stijlkenmerken van zijn voorgangers over, maar is overal net dat tikkeltje scherper.

Nee, Audi is niet met een gummetje over de vorige TT gegaan. Deze derde generatie TT heeft heel wat meer in zijn mars dan een update van generatie 2. Wel behoudt hij dezelfde afmetingen, met 4,18 meter in de lengte. Ook de visuele link is nog heel duidelijk, maar onderhuids is alles nieuw.

Virtuele cockpit

Waar de uiterlijke stijl trouw blijft aan de klassieke kenmerken die een Audi TT uitstraalt, heeft het merk aan de binnenkant toch de revolutie aangedurfd. Het interieur is nu compleet uitgepuurd en op de middenconsole vind je nauwelijks nog een knop. De meeste menu’s bedien je via de draaiknop van het MMI-systeem. Zelfs naar de bediening van de stoelverwarming en de ventilatie moet je zoeken. Die bevinden zich in de ventilatiemonden.

Maar Audi gaat nog verder. De traditionele tellers zijn vervangen door een virtuele cockpit. Al het instrumentarium zit voortaan vervat in een 12,3 duim groot TFT-scherm dat achter het stuur plaatsneemt. Daarop krijg je ook de navigatiekaart te zien. Die gps neemt verschillende online diensten over, zoals Google Earth en Google Street View. Er zijn live verkeersdata, online mediastreaming en toegang tot de sociale netwerken Facebook en Twitter.

Door de virtuele cockpit is een display in het midden overbodig geworden. De boordplank wordt er minder log door, maar er is ook een minpunt. De passagier heeft geen uitzicht meer op het infotainmentscherm, en wordt dus echt herleid tot passagier. Alleen de chauffeur beslist voortaan. Achteraan is er evenmin veel gewijzigd. De plaatsen zijn er te mijden. Je kan er alleen jonge kinderen kwijt, en dan nog niet te lang. Een volwassene kan er niet eens het hoofd rechthouden. Gelukkig zijn die zitjes wel neer te klappen, wat het koffervolume vergroot van 305 liter naar 712 liter. Dat maakt hem best ruim in zijn categorie.

Bekende motoren

Audi brengt de TT met drie bekende motorisaties. Er is de 2.0 TFSI met 230 pk. Diezelfde motor met meer boost geeft ons de TTS met 310 pk, en er is de 2.0 TDI met 184 pk. Die laatste is niet langer beschikbaar als quattro, maar alleen als voorwielaandrijver. De diesel is stil maar krachtig (0 tot 100 km/u in 7,1 sec en 241 km/u top). Maar wij vinden dat het 2.0 TFSI beter past bij het karakter van de TT. Die TFSI kan je overigens zowel met vierwielaandrijving als met voorwielaandrijving krijgen. Er is ook keuze uit een manuele zesbak of de S-Tronic zeventraps dubbelekoppelingsbak.

Fun achter het stuur

De TT rust op hetzelfde MQB-platform als de Audi A3, wat hem op slag 50 kilogram lichter maakt dan zijn voorganger. Je moet al hard je best doen wil je de limieten van de voortrein bereiken, en hij kan ongelofelijk hard door de bocht. Zelfs met alleen voorwielaandrijving.

Om de TTS quattro op zijn waarde te testen, loodste Audi ons zelfs naar een circuit. Hij toonde zich er waardevol. Niet de grootste speelvogel, maar wel duivels efficiënt. De stabiliteitscontrole laat zich volledig uitschakelen, wat het mogelijk maakt om de achtertrein te zetten bij het ingaan van de bocht. De motor is de Audi TTS is niet explosief, maar wel razendsnel. Hij haalt 100 in 4,6 seconden. Maar voor alledaags gebruik zijn wij al tevreden met de 2.0 TFSI basisversie. Die haalt 100 in 6 seconden en kost 38.900 euro. Bovendien is hij nog redelijk aan de pomp, met een officieel gemiddelde van 5,9 l/100 km en een CO2-uitstoot van 137 gr/km. Aangenaam en homogeen, deze Audi TT. Fijn zo.

Klaar voor de volgende stap?

Alle artikels

Test: Audi RS4 Avant – Meer leven in de brouwerij

Test: Audi A1 Sportback – Nog hipper

Test: Audi e-tron – De strijd om de stekker

Ontdek meer